
Broei in de kuil ontstaat als er zuurstof bij het voer komt en gisten weer actief worden. Het voer warmt op en verliest voederwaarde: al snel 10% extra (brochure Silage Safe, Eurofins Agro). Broei begint meestal aan de randen, bovenin en bij het aansnijvlak. Je voorkomt het met goed verdichten, direct luchtdicht afdekken, regenwater buiten de kuil en genoeg voersnelheid.
warmer dan de buitenlucht: dan spreek je van broei
Eurofins Agroextra voederwaarde gaat door broei al snel verloren
Silage Safe, brochure 2026 (Eurofins Agro)VEM-verlies is mogelijk bij broei
WUR, Handboek MelkveehouderijJe snijdt de kuil aan en langs de wand is het voer warm en muf. Dat is broei, en het kost je voederwaarde, voeropname, melk en werkplezier. Het begint meestal aan de randen, bovenin of bij het aansnijvlak. Met goed aanrijden, direct afdekken en genoeg voersnelheid geef je broei weinig kans, in een graskuil en in een maiskuil.
Broei is het opwarmen van je kuilvoer nadat er zuurstof bij is gekomen. Je spreekt van broei als het kuilvoer meer dan 10 °C warmer is dan de buitenlucht (Eurofins Agro). Door die warmte krijgen schimmels en bacteriën snel een kans. Broei en schimmel gaan dan ook vaak samen. Waar schimmel vandaan komt, staat bij de 4 oorzaken van schimmel in de kuil.
Na het inkuilen zakt de pH van je kuil doordat melkzuurbacteriën suikers omzetten in melkzuur. Zolang er geen lucht bij komt, blijft het voer stabiel. Komt er wel zuurstof bij, bijvoorbeeld na het openen of door een gat in het plastic, dan worden gisten weer actief. Ze breken melkzuur af en maken warmte.
Dat gebeurt het eerst aan de randen en bovenin. Langs de wanden en in de bovenste laag is het voer het lastigst goed vast te rijden. Daar zit dus de meeste lucht. Banden en zand blijven bij de randen slecht liggen. En regenwater dat via de zijkanten het voer in loopt, verhoogt daar de pH. Gisten en schimmels overleven dan, en zodra er weer zuurstof bij het voer komt, krijg je broei. Met een goede afdekking en afvoer voorkom je regenwater in je kuilvoer.
Wiljan Ten Hove uit Kamperveen kent het. Langs de wanden van zijn kuilen ontstond regelmatig broei en schimmel. Sinds hij zijn vijf silo's met Silage Safe afdekt, heeft hij daar nagenoeg geen last meer van. Zijn verhaal staat bij melkveebedrijf Ten Hove.
Een broeiende kuil voelt warm aan bij het aansnijvlak. Op koude ochtenden zie je soms damp. Je ziet plekken met witte of blauwgroene schimmel en je ruikt een muffe of zure geur. Koeien vreten er minder graag van. Wil je het zeker weten, meet dan de temperatuur een halve meter achter het aansnijvlak en vergelijk die met de buitenlucht. Is het verschil meer dan 10 °C, dan broeit je kuil.
Een voorbeeld uit onze brochure: een silo van 50 x 10 x 3 meter bevat zo'n 402.500 kg droge stof, goed voor ongeveer € 88.550 aan voederwaarde. Gaat daar 10% van verloren, dan is dat € 8.855 per jaar. Dit is indicatief: er zijn geen rechten aan te ontlenen. Hoe je dat voor je eigen kuil uitrekent, lees je bij voerverlies in de kuil berekenen.
Bijvoorbeeld 's ochtends. Ingekuild voer verliest zijn warmte maar langzaam en bepaalt lang de temperatuur in de kuil.
Te droog gras (boven 45%) laat zich lastig verdichten en houdt meer lucht vast. Te nat gras (onder 35%) vertraagt de verzuring (Groeikracht, VeeteeltGRAS maart 2025). Voor snijmais is 32-36% droge stof bij de oogst een goed doel. Boven 36% neemt de kans op broei en schimmel tijdens het voeren toe (WUR, Handboek Snijmaïs).
Goed verdichten verlaagt de hoeveelheid lucht in de kuil, en bij het uitkuilen dringt de lucht minder ver door. Hoe je dat aanpakt: de 6 tips voor de beste verdichting.
Droog of stengelig materiaal komt onderin. Daar wordt het het minst aan lucht blootgesteld en goed aangedrukt door de lagen erboven.
Dan komt de verzuring meteen op gang. In een praktijkproef met balen van Groeikracht was het verlies aan droge stof ruim 6% als het voer pas na 2,5 uur werd ingepakt. Na 5 uur was dat bijna 10%, en scoorde het voer 15 punten VEM lager dan voer dat direct was ingepakt (Veeteelt, mei 2021).
Juist aan de randen begint broei, dus daar moet de afdekking strak aansluiten en druk geven. Controleer na het inkuilen regelmatig op gaten, bijvoorbeeld door ongedierte. De werkwijze staat stap voor stap bij sleufsilo afdekken.
Minimaal 1,5 meter per week in de winter en minimaal 2 meter per week in de zomer. Meer uitleg vind je bij de juiste voersnelheid. Voor je eigen silo reken je het uit met de rekenhulp voersnelheid.
Maiskuilen staan bekend als broeigevoelig. Na het openen zitten er veel suikers en zetmeel in het voer waar gisten van leven. Hoe droger de mais bij het inkuilen, hoe groter de kans: boven 36% droge stof neemt de kans op broei en schimmel tijdens het voeren toe (WUR, Handboek Snijmaïs). Goed verdichten, een strak aansnijvlak en genoeg voersnelheid helpen.
De familie Jennissen uit Den Dungen dekt een maissilo van 90 x 14 x 4 meter af met Silage Safe. Over de conservering zeggen ze: *"Als je het goed rond maakt, heb je nauwelijks kans op broei."*
Uit de praktijkRoozendaal, MolenaarsgraafRoozendaal, Molenaarsgraaf · lees het verhaal
Dat hangt af van de kuil en het weer. Bij warm weer en een los aansnijvlak gaat het sneller. Daarom houd je in de zomer een hogere voersnelheid aan dan in de winter.
Haal beschimmeld voer altijd weg. Twijfel je over de rest, overleg dan met je voeradviseur of laat een kuilanalyse doen.
Als het kuilvoer meer dan 10 °C warmer is dan de buitenlucht (Eurofins Agro).
Bijgewerkt op 5 november 2026.
Broei & schimmelTipsBoterzuur in kuilvoer maken boterzuurbacteriën uit melkzuur, vooral in een natte kuil met een hoge pH. Ze komen uit grond, mest, water…
Gras6 min lezen
Broei & schimmelTipsSchimmel in de kuil ontstaat als er zuurstof en water bij het voer komen. Vier belangrijke oorzaken zijn slecht verdichten, een afdekking…
Gras · Mais5 min lezen