
De voersnelheid van je kuil is het aantal meter dat je per week van het snijvlak haalt. Silage Safe adviseert minimaal 1,5 meter per week in de winter en 2 meter in de zomer. Hoe sneller je door de kuil gaat, hoe korter het snijvlak aan lucht blootstaat en hoe minder kans broei en schimmel krijgen.
voersnelheid per week in de winter, minimaal
Silage Safevoersnelheid per week in de zomer, minimaal
Silage SafeNa het openen staat het snijvlak van je kuil elke dag aan de lucht. Ga je te langzaam door het voer, dan warmt het op en krijgen broei en schimmel een kans. Een vaste voersnelheid is een van de eenvoudigste manieren om je ruwvoer goed te houden, ook als je kuil eigenlijk te hoog of te breed is voor je veestapel.
Voersnelheid is hoe snel je door je kuil heen gaat: het aantal meter dat je per week van het snijvlak af haalt. Een kuil die je net hebt geopend, krijgt zuurstof bij het snijvlak. Hoe langer dezelfde laag voer aan de lucht staat, hoe meer tijd gisten, schimmels en bacteriën krijgen om aan de slag te gaan.
Wij adviseren een voersnelheid van minimaal 1,5 meter per week in de winter en minimaal 2 meter per week in de zomer. In de zomer is het warmer, waardoor de kuil sneller opwarmt en bacteriën en schimmels sneller groeien. Daarom ga je dan sneller door de kuil.
Dit geldt voor gras en mais. Een maiskuil staat bekend als broeigevoelig. Bij een maiskuil houd je je dus zeker aan deze minimale voersnelheid, en in de zomer liever wat meer.
Met Silage Safe maak je bij het uitkuilen eenvoudig een strook van 2 meter open. Dat past goed bij deze voersnelheid. Wiljan Ten Hove uit Kamperveen: *"Binnen een paar tellen heb je een paar meter kuil open."* Zijn praktijkverhaal staat bij de referenties.
Je voersnelheid hangt af van hoeveel voer je gebruikt en hoe groot het snijvlak is. Het snijvlak is de breedte van de kuil maal de hoogte.
Een voorbeeld: je haalt per week 30 m³ uit een kuil van 8 meter breed en 2,5 meter hoog. Het snijvlak is 8 x 2,5 = 20 m². Je voersnelheid is dan 30 ÷ 20 = 1,5 meter per week. Genoeg voor de winter, te weinig voor de zomer.
Weet je alleen hoeveel kilo je per dag voert? Dan moet je ook weten hoeveel een kuub van jouw kuil weegt. Dat verschilt per kuil en per gewas. De rekenhulp voersnelheid rekent het voor je uit: vul je voer per dag, het gewas en de maten van je silo in en je ziet direct hoeveel meter per week je haalt.
De rekenhulp rekent in kilo vers product, dus het voer zoals je het uit de kuil haalt: 600 kg per m³ bij gras en 740 kg per m³ bij mais. Vul daarom ook je voer per dag in kilo vers product in. In de brochure rekenen we met 230 kg per m³, maar dat is droge stof. Die twee getallen kun je dus niet door elkaar gebruiken.
Hoe groter het snijvlak, hoe langzamer je met dezelfde hoeveelheid voer door de kuil gaat. Een hoge of brede kuil in een kleine veestapel haalt de 1,5 of 2 meter per week dan niet. Dit kun je doen:
Wil je samen kijken naar je eigen kuil en voersnelheid? Plan een adviesgesprek.
Uit de praktijk“Veel minder arbeid en nagenoeg geen verliezen meer in de randen.”Ten Hove, Kamperveen · bekijk de video
Wij adviseren minimaal 1,5 meter per week in de winter en minimaal 2 meter in de zomer, voor mais en gras. Een maiskuil is gevoelig voor broei, dus ga in warm weer liever iets sneller. Hoe je de rest van de kuil dicht houdt, lees je in maiskuil afdekken.
Bij warm weer warmt het snijvlak sneller op. Gisten, schimmels en bacteriën groeien dan sneller, dus het voer moet er sneller uit.
Kijk of je de kuil bij de volgende oogst lager of smaller kunt maken. Tot die tijd helpen een strak, glad snijvlak en een goed afgedekte rest van de kuil om broei te beperken.
Bijgewerkt op 5 november 2026.
